In 85 van de 100 onderwerpen heeft nog geen enkel merk het AI-antwoord in handen.

Dat komt uit een studie van Semrush en Kevin Indig. Van januari tot juni 2026 volgden ze elke maand 1.094 categorieën in ChatGPT. 50.000 merken, 220.000 domeinen, 600.000 citaties. Eén vraag eronder: wie bezit het antwoord als iemand een categorie aan ChatGPT voorlegt?

Bijna niemand.

In 15,2 procent van de categorieën staat er een duidelijke eigenaar. In 31,2 procent een opkomende koploper. De rest, 53,7 procent, ligt open. Geen merk dat het gesprek stuurt, geen naam die er vanzelf uitrolt.

Wat kan jij als werkgever doen?

Voor jou als werkgever ligt daar een open doel. Want “welke werkgever in de zorg past bij iemand zoals ik” is precies zo’n categorie. Een paar prompts, een handjevol namen die terugkomen, de rest die wegvalt. En in de meeste sectoren is die eerste rij nog van niemand.

Kim vraagt het al. Ze typt geen vacaturetitel meer in een zoekbalk; ze legt haar loopbaanvraag voor aan een model en leest het antwoord dat terugkomt. Dat antwoord noemt twee, drie werkgevers. Jij hoopt dat een van die namen de jouwe is.

Hier zit het deel dat de meeste directies missen. Genoemd worden en aanbevolen worden zijn twee verschillende dingen.

Het verschil tussen genoemd worden en aanbevolen worden.

Semrush vond dat maar 21 procent van de meest geciteerde domeinen samenviel met het meest genoemde merk. De twee signalen liepen zelfs licht uit elkaar. Je kunt dus overal opduiken als bron en toch nooit de naam zijn die het model aanraadt. Een link in de voetnoot is geen plek op de shortlist.

Voor recruitment is dat het hele verschil. Een kandidaat leest geen bronnenlijst. Ze leest een paar namen met een reden erbij. Sta je in de bronnen maar niet in die namen, dan besta je voor haar niet.

Een tweede studie, van BuzzStream, maakt dat scherp voor precies jouw situatie. Bij lijstvragen, het type “welke bedrijven passen bij X”, kreeg maar 7,2 procent van de genoemde merken ook een bronvermelding. En ongeveer 80 procent van alle citaties stond op sites van derden, niet op je eigen domein. Je verhaal wordt dus grotendeels gevormd op plekken die je zelf niet beheert: reviews, vakmedia, een oud interview met je directeur. Je eigen werkenbij-site is maar één stem in dat koor, en lang niet de luidste.

En die plek koop je niet met de trucs die vroeger werkten.

De onderzoekers legden hun categorie-eigenaren naast de klassieke SEO-cijfers. Meer organisch verkeer, een hogere autoriteitsscore, meer merkzoekopdrachten: allemaal nauwelijks voorspellend voor wie het AI-antwoord bezit. Kevin Indig vatte het droog samen: de oude SEO-meetlat verklaart niet wie een onderwerp bezit.

Je voorsprong op Google telt hier niet.

Dat betekent dat je voorsprong op Google je hier weinig oplevert. De werkgever met de grootste werkenbij-site en het dikste advertentiebudget staat op dezelfde streep als de kleinere concurrent die zijn verhaal wél consistent en citeerbaar heeft staan.

Er zit nog een tweede vondst in de data, en die werkt in jouw voordeel.

Juist de grootste, drukste onderwerpen hebben het minst vaak een eigenaar. 11,3 procent bij hoge vraag, tegen 19 procent bij lagere vraag. De categorieën waar de meeste kandidaten zoeken, “beste werkgevers in tech”, “waar werk je fijn in de logistiek”, zijn dus het vaakst nog van niemand. Hoe groter het speelveld, hoe leger de eerste rij.

En wie die plek eenmaal pakt, houdt hem.

Category-eigenaren met een stevige voorsprong bleven in 90,4 procent van de maandmetingen op één staan. Wie het antwoord bezit, raakt het zelden kwijt aan de volgende die langskomt. De eerste die er staat, bouwt een voorsprong die met de maand moeilijker in te halen wordt.

Wat vandaag nog een leeg antwoord is, is over zes maanden een gewoonte. Wat over zes maanden een gewoonte is, is over een jaar een reputatie. En wat eenmaal een reputatie is in een taalmodel, haal je niet meer in met een campagne.

Wat betekent dat concreet.

Kies het onderwerp waarop je gevonden wil worden en maak het klein genoeg om te bezitten. “Goede werkgever” is te groot om te claimen. “Werkgever voor data-engineers die autonomie zoeken in Noord-Nederland” kun je wél bezitten. Een smalle categorie die je wint, verslaat een brede waarin je verdrinkt.

Zorg dat je verhaal daar overal hetzelfde klinkt. Op je eigen site, in vakmedia, in interviews, op de reviewsites waar het model uit put. Een merk dat op drie plekken drie dingen zegt, wordt niet gekozen. Wat elkaar tegenspreekt, wordt overgeslagen. Wat nergens consistent staat, bestaat niet.

En meet of je die plek wint. Stel elke maand dezelfde vragen die je kandidaten stellen, op elk platform dat ze gebruiken, en kijk of je naam terugkomt of wegzakt. De eigenaar van volgend jaar is de werkgever die nu begint, terwijl de rij nog leeg is.

De meeste categorieën zijn vandaag nog van niemand. Dat blijft niet zo.

Mijn naam is Bryan Peereboom, oprichter van AI Rebels. Wij maken werkgevers zichtbaar in taalmodellen.